menu
de Geschiedenis van Wieringen - de Romeinse tijd

Noord-Holland was vanaf zo'n 2000 voor Christus lange tijd ongeschikt voor bewoning. Nagenoeg het hele gebied is voor lange tijd ontvolkt. Pas omstreeks 400 voor Christus is de veenlaag zo dik geworden dat er bewoning op mogelijk is. Deze korte opbloei in de late IJzertijd is slechts van korte duur, want doordat het waterpeil stijgt door een klimaatverandering is het niet langer mogelijk in het veengebied te wonen.

Wanneer de Romeinen in de lage landen verschijnen wordt de streek boven het IJ weliswaar bewoond, maar de omstandigheden zijn, zeker in Romeinse ogen, erbarmelijk. De beroemde schrijver Plinius schreef over de Fresones die woonden in een gebied aaar hele stukken land zomaar naar zee dreven, soms met een compleet dorp erop en dat de mensen hopen aarde opwierpen om die in de wind te drogen om er vervolgens hun eten en hun door de koude noordenwind verkleumde lijven mee te warmen. Waarschijnlijk beschrijft Plinius veen, waarmee hij niet bekend zal zijn geweest.

Het castellum Flevum

Het was voor de Romeinen niet erg aantrekkelijk om de baggerzooi die Noord-Holland toen was aan het rijk toe te voegen. Ze bouwden langs en ten noorden van de grensrivier de Rijn een reeks forten waarvan het Castellum Flevum het grootste en bekendste was. Van het Castellum Flevum was weinig met zekerheid bekend en eeuwen lang is gespeculeerd waar dit fort zich bevond. Allerlei opties werden genoemd, van Groningen tot Castricum, al dachten de meeste geschiedkundigen dat het nabij de rivier de Vlie moet zijn geweest die toen de verbinding vormde tussen het kleine meer Flevo en de open zee. Ook het legendarische Grebbe is genoemd als mogelijkheid voor het Castellum, met als uitwijkmogelijkheid Hippolytushoef. Deze theorie was aan het begin van de 20e eeuw zo populair dat het zelfs op de kaarten werd ingetekend (zie hiernaast), al was er weinig (eigenlijk geen) bewijs voor.

Het Castellum Flevum dankt zijn bekendheid vooral aan het feit dat de Romeinen hier te maken kregen met een Friese opstand tegen de zware belastingen in het jaar 28 na Chr. Tacitus beschrijft dit uitgebreid in het vierde deel van zijn Annales. Hij beschrijft een grote veldslag rond het fort. De aanval kan maar ternauwernood worden afgeslagen, maar het fort werd opgegeven en de Romeinen trokken zich definitief terug achter de Rijn. Bij bouwwerkzaamheden bij de Velsertunnel stuitte men op restanten van een Romeins fort. Hoewel het niet met zekerheid gezegd kan worden, wijzen muntvondsten erop dat dit fort in of kort na 28 na Chr. is verlaten. De aanwijzigingen dat dit het Castellum Flevum was zijn dus groot, al houden archeologen voorlopig nog een slag om de arm.

Bodemvondsten

De nabijheid van de beschaafde Romeinen had zijn invloed in het hele grensgebied. Dit blijkt uit het feit dat in bijna iedere nederzetting uit de periode 0-400 wel enkele Romeinse munten of luxe voorwerpen worden aangetroffen die waarschijnlijk door (ruil-)handel zijn verkregen. De grootste vondst van Romeinse voorwerpen in de kop van Noord-Holland is al in de 18e eeuw gedaan op Texel. In 1770 vond Pieter van Cuijck (die ook over Wieringen schreef) bij de Waal een Romeinse grafheuvel waarin munten (van Tiberius, Caligula, Vespasianus en Traianus), bronzen ketels, wapens, werktuigen en huisraad, allen uit de 1e eeuw.
De lokale bevolking leverde waarschijnlijk landbouwprodukten aan de Romeinen, deels als belastingbetaling, deels als handelswaar. In ieder geval zijn er geen voorwerpen uit die tijd gevonden die herkenbaar zijn als inheems. De hierboven beschreven opstand werd veroorzaakt door een verhoging van de belastingen die door de lokale Friezen werden betaald in huiden.
Ook op Wieringen is een behoorlijk aantal voorwerpen uit de Romeinse tijd gevonden. Voor het merendeel gaat het om munten, sestertiŽn en denarii uit de 1e en 2e eeuw, maar er zijn ook amuletten gevonden. Of we hieruit moeten afleiden dat er een Romeinse nederzetting hier is geweest? Ik denk het niet, hooguit toont dit aan dat er in het begin van onze jaartelling op Wieringen een bloeiende nederzetting was die volop handel dreef met de Romeinen.

Het water stijgt

Aan het eind van de 3e eeuw wordt de leefsituatie in Noord-Holland (weer) zeer moeilijk. Het water dringt al verder op en het wordt gesuggereerd dat de Friezen in die tijd het gebied verlaten en zich binnen de grenzen van het Romeinse Rijk vestigen. Op deze manier leggen zij de fundamenten voor de grote Friese expansie na het instorten van het Romeinse Rijk waarbij de Friezen het gehele kustgebied tussen BelgiŽ en Noord-Duitsland beheersen.

Waarschijnlijk blijft er al die tijd een vrij geÔsoleerde populatie van proto-Friezen (of hoe je ze wilt noemen) aanwezig op Wieringen, maar de eventuele contacten met de Romeinen of andere Friese nederzettingen zal beperkt zijn gebleven.

Een kaart

In een oude schoolatlas voor de Vaderlandse en Algemene Geschiedenis staat een kaart voor de Nederlanden in de Romeinse tijd. Wat er niet bij gezegd wordt is dat deze kaart vrijwel geheel uit de duim van de tekenaar gezogen is.
Alleen plaatsen als Noviomagum (Nijmegen), Trajectum (Utrecht), Vectio (Vechten) en Lugdunum Batavorum (Brittenburg, dat voor de kust van Katwijk ligt) liggen op de juiste plaats. Het is onbekend hoe de kust en het binnenland er exact uitzagen in die tijd.

In ieder geval is Flevum hier getekend ter hoogte van Wieringen, terwijl het in werkelijkheid bij Velsen lag, aan de oer-IJ.


Bodemvondsten

Nauwelijks nog als zodanig herkenbaar: een groepje Romeinse munten, gevonden door Wieringer detectoramateurs.
© Pagowirense.nl 1997-2007
naar begin van pagina
Kixtart.nl ||| start / English | geschiedenis | legendes | oude foto's | dorpen | volkslied | links | zoeken